LOS Landelijk Overleg Supporterscoördinatoren.                         Naar FSI NL

 

 

Aan de fracties van de Tweede Kamer der Staten Generaal.

 

 

Onderwerp: preventie voetbalvandalisme; een andere weg naar veiligheid.

Deventer, 1 november 2002.

 

 

 

GENEZEN BETER DAN VOORKOMEN?

 

Gezondheid is pas een item als je ziek bent. Gezondheidszorg is dan ook voornamelijk ziekenzorg. Er zal meer geld uitgetrokken worden voor het verhogen van het aantal hartoperaties, dan voor het bewerkstelligen dat mensen gezonder gaan leven.

Bij criminaliteit is het niet anders: de prioriteit wordt gelegd bij het bestrijden van criminaliteit en veel minder bij het voorkomen daarvan. Het zij zo. Het geloof in een maakbare samenleving is goeddeels verdwenen. Handhaving en beheersbaarheid lijken het maximaal haalbare. Energie en geld steek je in acties aan het eind van de lijn: daar waar een probleem zich manifesteert. Maatregelen worden genomen en nieuwe technieken worden ontwikkeld om een toenemend aantal kalveren uit de put te halen. Een zinvol karwei dat, als het niet gedaan zou worden, het gemor van het volk ernstig zou doen toenemen.

Maar de grenzen van de mogelijkheden worden in rap tempo bereikt als niets gedaan wordt om te voorkomen dat de problemen toenemen. Harde aanpak, zero tolerance: het werkt maar even, omdat afschrikking niet raakt aan de wortel van het kwaad; omdat de inzet pas plaats kan vinden als dat kwaad al is geschied en je moet hopen dat andere kwaadwilligen daar hun les uit trekken.

Te ver doorgevoerde tolerantie heeft er mede toe geleid dat de roep om daadkracht is versterkt. In toenemende mate is men er zich echter van bewust dat die daadkracht onderbouwd moet zijn en gericht moet zijn op waarden en normen, die de samenleving en ieder individu daarbinnen, zich (opnieuw) moet eigen maken.

Er moet dus weer geïnvesteerd worden in het traject dat ligt voordat het fout gaat: omdat er vele manieren zijn om problemen te voorkomen en slechts zeer weinig om een probleem, als het er eenmaal is, weer op te lossen; omdat de 98% van de mensen die zich wel weten te gedragen net zoveel aandacht verdienen als die 2% die voor problemen zorgen; omdat goed voorbeeld goed doet volgen en vooral omdat het oplossen en het voorkomen van problemen niet uitsluitend een zaak is van ordehandhavers, maar een zaak waarin wij allemaal en elk individu afzonderlijk een verantwoordelijkheid heeft.

 

Mogelijk vraagt U zich af wat dit met voetbal te maken heeft. Het antwoord kan kort zijn: voetbal staat wel heel bijzonder in de schijnwerpers als het gaat om veiligheid. Dat is niet nieuw, dat is al 20 jaar zo.

Vandaag precies 15 jaar geleden ging daarom het eerste project preventie voetbalvandalisme, kortweg supportersproject, van start. Inmiddels zijn er bij vele clubs preventieve projecten waarvan er 10 professioneel zijn opgezet; dat wil zeggen met beroepskrachten die gespecialiseerd zijn in supportersbeleid en in preventie voetbalvandalisme. Uitvoerders die zich dagelijks tussen de supporters begeven, samen met hen activiteiten ontwikkelen en uitvoeren, bijsturen waar het fout dreigt te gaan, de samenwerking met club, stewards, supportersvereniging en politie aangaan en daar een bindende factor tussen vormen; kortom praktijkmensen die zich volledig inzetten om het voetbal gezond te maken en te houden.

 

Vijftien jaar supportersprojecten is een reden tot feest. Een feest dat een extra stimulans heeft gekregen doordat het supportersproject bij Cambuur vorige week de Hein Roethof prijs heeft gewonnen. Het project heeft gezorgd voor een geweldige sfeer in het stadion en voor het terugdringen van het aantal stadionverboden van 57 twee jaar geleden tot 7 nu en nog geen enkel nieuw stadionverbod dit seizoen. De grote waarde van de supportersprojecten is met deze prijs onderkend. Niet voor het eerst overigens. Alle onderzoeken, te beginnen bij het COT onderzoek uit 1991, benadrukken dat supportersprojecten een belangrijke factor vormen in het terugdringen van voetbalvandalisme en supportersgeweld.

 

 

Blad 2.  - Genezen beter dan voorkomen? -

 

Maar - U voelde het al aankomen – er is ook reden tot bezorgdheid.

Niet omdat het geweld en de racistische uitingen rondom voetbalwedstrijden weer zijn toegenomen. We kunnen U, als U wat meer tijd zou willen uittrekken, wel uitleggen hoe dat komt. Onze grote zorg is dat een toenemend aantal supportersprojecten in ernstige moeilijkheden komt. Clubs en gemeenten, die beide zorg dragen voor de financiering van supportersprojecten, laten het steeds vaker afweten. Aan de succesvolle wijze van preventie, zoals die de afgelopen 15 jaar door de supportersprojecten is ontwikkeld, wordt weinig waarde meer toegekend. De keuzes die vrijwel alle clubs moeten maken nu het financieel slecht gaat met het betaald voetbal, vallen vrijwel overal negatief uit voor de supportersprojecten. Gemeenten zien af van co-financiering als de clubs er geen geld meer in steken. De KNVB, die van 1998 tot juni dit jaar, nog meewerkte aan een door het ministerie van VWS geïnitieerd project om alle clubs in het betaald voetbal te stimuleren tot het opzetten van een preventieproject, zet nu alles in op sancties en repressie en verwaarloost sociale preventie.

 

Ondersteuning van de lokale projecten, het multipliceren van goede voorbeelden, het inventariseren van signalen en verwerken daarvan tot beleidsvoorstellen, het organiseren van werkoverleg en trainingen, dit alles is nog steeds niet mogelijk omdat er al 15 jaar geen middelen beschikbaar worden gesteld om een landelijk steunpunt dat deze taken zou moeten uitvoeren te realiseren. Kwalitatief goed werk leveren wordt moeilijk en stilstand of zelfs achteruitgang dreigt.

 

We vinden daarom dat ons jubileum niet alleen een reden tot feest mag zijn, hoewel dat tot onze sterke kanten behoort, maar ook het moment is om erkenning en waardering te vragen. We zijn blij met de Hein Roethof prijs en trots op het project in Leeuwarden dat deze prijs heeft gewonnen, maar we willen het ook van U horen. En van de andere direct betrokkenen: de KNVB, de clubs en de gemeentebesturen.

 

Van U, leden van de Tweede Kamer, vragen we een politiek standpunt ten aanzien van onze positie. Vindt U – en U mag ter bepaling van Uw standpunt best eerst de LOS nieuwsbrief lezen - dat supportersprojecten en preventie voetbalvandalisme waardevol zijn, dan verwachten wij dat U dit ook uitspreekt, dat wij dit terug vinden in de partijprogramma’s en dat U er bij de betrokken ministers op aandringt maatregelen te nemen en middelen te verschaffen om ons werk te kunnen continueren en (kwalitatief) verder uit te bouwen.

In afwachting van Uw reactie, verblijven wij rond de velden,

 

 

Met vriendelijke groet,

De supporterscoördinatoren, verenigd in het Landelijk Overleg Supporterscoördinatoren.

 

 

LOS  NIEUWSBRIEF.              November 2002.

 

Het is 1 november 2002 en het is tijd dat we weer iets van ons laten horen.

Nu zes jaar geleden, in 1996, werd de Nieuwsbrief  10 jaar supportersbeleid” uitgebracht door het Landelijk Overleg Supporterscoördinatoren, kortweg het LOS. Voor degenen onder U die toen nog geen kamerlid waren of anderszins nog niet beleidsmatig betrokken waren bij de problematiek van voetbalvandalisme en –geweld, halen we nog even wat fragmenten terug uit die LOS-Nieuwsbrief

van 1996:

 

Het woord supportersbeleid doet zijn intrede als in januari 1986 de nota “Voetbalvandalisme en Supportersbeleid” wordt aangeboden aan de voorzitter van het Landelijk Overleg Voetbalvandalisme. Tot dat moment sprak men over veiligheidsbeleid. De ommezwaai was niet slechts die van een andere woordkeuze. Tot 1986 concentreerde de aanpak van voetbalvandalisme zich op repressieve maatregelen: hogere en steviger hekken, het weren van voetbalsupporters uit reguliere treinen, massieve politie-inzet bij wedstrijden, alcoholverboden rond wedstrijden, etc.

In de nota “Voetbalvandalisme en Supportersbeleid” wordt aangedrongen op een nieuwe invalshoek: preventiebeleid. 

Kenmerken van dit preventiebeleid zijn:

-           Aanpak bij de wortel: inzet van professionele werkers op de jeugdige supporters met speciale

aandacht voor (potentiële) probleemsupporters.

-           Samenwerking van alle betrokken partijen, met bijbehorende afstemming en centrale coördinatie.

 

Een jaar later, in oktober 1987 dus precies 15 jaar geleden, start het eerste project preventie voetbalvandalisme, kortweg supportersproject, in Deventer en al gauw volgen projecten in Den Bosch, Utrecht, Eindhoven, Den Haag, Amsterdam, Rotterdam, Zwolle, en wat later in Breda en Arnhem.

De projecten zijn succesvol zo concludeert ook het Crisis Onderzoeks Team (COT) in 1991: “ In alle experimentlocaties vertoont het voetbalvandalisme sinds de start van de projecten een stabiliserende of dalende tendens, die gunstig afsteekt bij de ontwikkeling van het voetbalvandalisme in de controlelocaties. De rol van de supporterscoördinatoren (projectwerkers,red.) wordt door alle betrokkenen geroemd.” 

 

In de Nieuwsbrief van 1996 concluderen we:

Na tien jaar supportersbeleid heeft het woord voetbalsupporter zijn slechte klank verloren. Het supporterdom is zelfs ‘big business’ geworden. En zo hoort het ook. Maar in de euforie en verblind door de gigantische bedragen die met het product voetbal binnen te halen zijn, dreigt zowel de voetbalwereld als de politiek te vergeten dat het behaalde succes in de gezondmaking van het betaald voetbal niet vanzelfsprekend is. De bestendiging daarvan berust op de voortzetting, verbetering en voortdurende innovatie van het gevoerde supportersbeleid. 

 

We hadden goede redenen om te waarschuwen voor zelfgenoegzaamheid: de projecten bij FC Den Haag en Feyenoord waren gestopt omdat de clubs vonden dat de organisatie binnen de club dusdanig was dat een speciaal preventieproject niet meer nodig was. Het Ajax project maakte geen deel meer uit van het LOS en richtte de aandacht vooral op de uitbreiding van de (commercieel opgezette) supportersvereniging. De landelijke politiek was vergeten dat de projecten in 1987 waren opgezet als experiment en bij bewezen succes structureel bij alle clubs zouden worden geïnitieerd.

 

Vanuit de KNVB werd zelfs gesteld dat supporterscoördinatoren geen meerwaarde hadden, na een periode van goede samenwerking tussen LOS en KNVB, waarbij het LOS een officiële commissie vormde van de KNVB en vanuit die positie o.a. meewerkte aan het opzetten van het nu gemeengoed geworden stewardsysteem. Na het EK in 1996 werd de samenwerking tussen KNVB en LOS stopgezet.

 

Nog even een citaat uit de Nieuwsbrief van 1996:

In 1995 werd in de RAI in Amsterdam door de KNVB in samenwerking met bureau Axios het congres “Naar een landelijk supportersbeleid” georganiseerd. Hoewel tijdens dit congres benadrukt werd dat een duurzaam en succesvol supportersbeleid gebaseerd dient te zijn op de in de sociaal preventieve projecten ontwikkelde aanpak en dat het de hoogste tijd is om tot een landelijke aanpak te komen, is er nadien noch van de KNVB, noch vanuit de politiek haast gemaakt met het opstellen van een dergelijk landelijk supportersbeleid. Zowel bij de clubs als bij de KNVB dreigt een houding van genoegzaamheid over de behaalde successen in de aanpak van voetbalvandalisme. Er is echter alle reden om snel vorm te geven aan een landelijk supportersbeleid. Niet alleen omdat er signalen zijn dat voetbalvandalisme aan het toenemen is in vormen waarop de huidige maatregelen geen adequaat antwoord bieden. Maar ook omdat de aanpak zoals die in de projecten is ontwikkeld innoverend blijkt te werken op de aanpak van jongerenproblematiek in het algemeen (criminaliteitspreventie, HALT,  jongerenwerk,). Ook omdat het in het belang van het voetbal is dat er een supportersbeleid komt dat inhoud kan geven aan het begrip klantvriendelijkheid. Ook omdat de in de projecten opgebouwde netwerken eveneens buiten het voetbal tot vruchtbare samenwerking leiden. Maar zeker ook omdat Nederland in 2000 medeorganisator is van Euro 2000, waarbij het internationale netwerk van het LOS ingezet kan worden om van de EK ook daadwerkelijk een voetbalfeest te maken.

 

Een jaar later wordt Carlo Picornie doodgeslagen in een veldje bij Beverwijk. Pas dan schrikt de politiek wakker en constateert al discussierend dat voor de zoveelste keer in de afgelopen 15 jaar dezelfde vragen worden gesteld en dat daarop weer dezelfde antwoorden komen. Het LOS wordt gehoord en nu wordt er geluisterd. Het Ministerie van VWS krijgt van de politiek de opdracht om sociaal preventieve projecten bij alle clubs in het betaald voetbal van de grond te trekken. Hiertoe wordt bij de KNVB het bureau Sociaal Preventieve Projecten opgericht en er komt een landelijke begeleidingscommissie om het proces te begeleiden. Bureau van Dijk van Soomeren & Partners en het uit het LOS voortgekomen bureau Euro Support krijgen tot juni 2002 de tijd om de opdracht uit te voeren.

 

Internationaal is het LOS al sinds 1993 actief. In dat jaar werd voor het eerst de samenwerking gestart met de Duitse Fan Projekten, die in opzet overeenkomen met de Nederlandse supportersprojecten. De Duitse projecten worden ondersteund door de Koodinationstelle Fanprojekte, een landelijke organisatie georganiseerd op basis van het in 1993 door de Duitse regering vastgestelde Konzept Sport und Sicherheit.

 

De internationale samenwerking breidde zich vanaf 1994 uit met de Engelse Football Supporters Association (FSA) en de Italiaanse Progetto Ultra. Deze Europese samenwerking resulteerde in 1996 tot het eerste gezamenlijke internationale optreden tijdens de Euro 96 in Engeland. Maandenlang voorbereid door het namens het LOS optredende bureau Euro Support, werden daar de Nederlandse supporters begeleidt door de supporterscoördinatoren van de Nederlandse projecten, die nauw samenwerkten met de KNVB en met de Nederlandse stewards. De Duitse fan projecten deden hetzelfde met hun supporters. De FSA was verantwoordelijk voor de organisatie van fan ambassades in de speelsteden. Mede dankzij de gedegen voorbereiding en de goede samenwerking tussen de Nederlandse supporterscoördinatoren en de FSA, werden de Nederlandse supporters tijdens dit toernooi beloond met de Fair Play prijs.

 

Gesteund door dit succes deed het LOS een voorstel aan de Nederlandse overheid om voor Euro 2000 het gastheerschap voor de bezoekende supporters in Nederland en België te organiseren. Een aangenomen motie van de Tweede Kamer maakte de weg vrij voor een unieke vorm van supportersbegeleiding. Het door het LOS hiervoor gevraagde bureau Euro Support zorgde voor de komst van teams van fancoördinatoren uit de deelnemende landen en er werden in de Nederlandse en Belgische speelsteden fan ambassades ingericht. Dit alles gebeurde onder auspiciën van het Ministerie van VWS en in samenwerking met het Ministerie van Binnenlandse Zaken van België.

Voor het eerst werd met werkers uit 14 landen samengewerkt. De professionele ervaring van de Duitse, Italiaanse en Nederlandse projecten en van de Engelse FSA was mede debet aan een succesvol project.

 

Dit succes bracht de Staatssecretaris Margot Vliegenthart ertoe een commissie internationale supportersbegeleiding in het leven te roepen met als opdracht de ervaringen van Euro 2000 over te brengen naar andere Europese landen. In 2001 verzocht het Portugese Ministerie van Binnenlandse Zaken Euro Support om ondersteuning bij de organisatie van de supportersbegeleiding voor Euro 2004 dat in Portugal plaatsvindt.

 

 

Eind 2001 besloten de KOS, de FSA, die inmiddels was gefuseerd met Engeland’s grootste koepel van supportersorganisaties, de Progetto Ultra en LOS/Euro Support tot de oprichting van een Europese organisatie onder de naam Football Supporters International (FSI). De FSI heeft in september 2002 afspraken gemaakt met het Portugese Ministerie van BIZA en zal de KOS ondersteunen bij de opdracht om de begeleiding en het gastheerschap voor de in 2006 in Duitsland te houden WK te organiseren.

 

De FSI is tevens actief op het gebied van bestrijding van racisme en neemt deel aan FARE (Football Against Racism Europe), de door de EU en de UEFA gesteunde koepelorganisatie van initiatieven in het kader van voetbal tegen racisme.

 

De grote interesse vanuit het buitenland voor de Nederlandse aanpak en de waardering voor de resultaten, staat haaks op de ontwikkelingen in eigen land. De vraag om een landelijk steunpunt preventie voetbalvandalisme, als vervolg op het stimuleren van preventieprojecten bij alle clubs, blijft onbeantwoord. Ondersteuning van de supportersprojecten, die zeer specifieke kennis en ervaring met de problematiek van het begeleiden van problematische supporters en het organiseren van preventieactiviteiten vereist, is niet geregeld. Dit terwijl de behoefte daaraan van pas gestarte projecten groot is en ook de al langer bestaande projecten al jaren aangeven dat een landelijke steunorganisatie naar het Duitse KOS model absoluut noodzakelijk is.

 

Het uitdragen in Europa van de Euro 2000 succesformule komt na korte tijd volledig tot stilstand. Bijeenkomsten van de door de staatssecretaris gewenste landelijke commissie Internationale Supportersbegeleiding, met het Ministerie van BZK, het Centraal Informatiepunt Voetbalvandalisme van de politie (CIV), Euro Support en KNVB onder voorzitterschap van het Ministerie van VWS, worden keer op keer verschoven en uiteindelijk wordt zelfs helemaal geen nieuwe datum voor een bijeenkomst meer vastgesteld.

 

Naar de belangrijke commissie van de Raad van Europa, waarin aan de hand van de ervaringen van Euro 2000 een Europees handboek voor preventie voetbalvandalisme supportersbegeleiding wordt opgesteld, worden door VWS geen vertegenwoordigers van de Nederlandse projecten gestuurd. Het gevolg was dat België het handboek schreef, weliswaar puttend uit het Nederlandse Euro 2000 handboek, maar geheel toegesneden op de Belgische aanpak. Engeland, Duitsland en Italië hebben de grootste moeite gehad om de door hen voorgestane Nederlandse aanpak alsnog uitgangspunt van het Europees handboek te maken.

 

Een zelfde patroon zien we terug als de KNVB in mei dit jaar namens de Nivel Stichting de internationale conferentie Preventie Voetbalvandalisme organiseert. Andere landen sturen de preventie experts van KOS, FSA en Progetto Ultra. De Nederlandse supporterscoördinatoren worden niet uitgenodigd.

 

Na 15 jaar supportersprojecten, vele onderzoeken die stuk voor stuk positief uitvallen in het voordeel van de projecten, tomeloze inzet van supporterscoördinatoren zowel binnen het eigen project, bij de totstandkoming van internationale samenwerking, als bij het voeden met informatie ten behoeve van lokaal en nationaal beleid; alom gewaardeerd door politie en vele instanties in binnen en buitenland, lijkt het ons, Nederlandse supporterscoördinatoren, dat de meerwaarde van ons werk onderhand als vaststaand feit kan worden aangenomen. We verwachten van alle betrokkenen: KNVB, clubs en Ministerie, dat deze meerwaarde tot uitdrukking komt in waardering.

 

We verwachten dat het afgelopen is met de gewoonte om sociale preventie als sluitpost te behandelen. We verwachten dat  supportersprojecten structureel worden opgenomen in de licentievoorwaarden van de clubs in het betaald voetbal. We verwachten dat gemeenten in hun begroting voldoende financiële ruimte reserveren voor kwalitatief goede supportersprojecten. We verwachten dat de rijksoverheid onderkent dat preventie voetbalvandalisme niet een uitsluitend lokaal probleem is en de financiering op zich neemt van een landelijk steunpunt voor de projecten. We verwachten kortom dat 15 jaar goede resultaten leiden tot de zekerheid dat we dit werk kunnen blijven doen en kwalitatief verder kunnen uitbouwen. Zonder zorgen over de erkenning en het voorbestaan van de projecten. Want de zorg voor het voorkomen van supportersgeweld is al meer dan genoeg.

 

______________________________________________________________________________________

 

Supportersproject Cambuur wint Roethofprijs.

 

KNVB doet niets aan vandalisme.

 

Voetbalclubs kunnen flink wat doen aan het in toom houden van hun aanhangers, schrijft de commissie Kleine Criminaliteit in zijn tussenrapport. Ten eerst zouden zij de supporters veel meer aan de club moeten binden. Ten tweede moeten er meer suppoosten worden aangesteld.; dames en heren met goede contactuele eigenschappen die ook mee reizen naar uitwedstrijden, want voetbalvandalisme en geweld vindt nu plaats in de anonimiteit en massaliteit van het supporterslegioen. “De harde kern relschoppers bestaat volgens de clubs uit een kleine groep. Die moet je toch kunnen lokaliseren?” zegt Dr. Hein Roethof, voorzitter van de commissie, als toeschouwer aanwezig bij de wedstrijd Feyenoord – Ajax in de Kuip.

Hij heeft zijn woorden nog niet gesproken of uit Vak S worden rookbommen op het veld geworpen die de Kuip in de mist zetten. Drie minuten later is het raak achter het andere doel, waar Ajax aanhangers de reclameborden vernielen en als projectiel gebruiken. De kiem voor een treffen buiten het stadion is gelegd. “De KNVB kent zijn verantwoordelijkheden niet.” zegt Roethof. “Op vrijwel geen enkele aanbeveling van ons is ingegaan. Wel zijn op kosten van de samenleving de stadions voor meer dan 20 miljoen aangepast aan de veiligheidsnormen. Maar verder? Ho maar! De commerciële belangen van de KNVB en de clubs gaan blijkbaar voor. De KNVB zou wat minder in termen van geld moeten denken.” Shirtreclame, tv-contracten, overheidssubsidies, het gratis gebruiken van politiediensten, het zijn dingen die Roethof ertoe brengen te zeggen dat “de KNVB meer oog heeft voor geldschieters dan voor supporters. De overheid pompt er steeds meer geld in. Dit kan zo niet doorgaan. Het betaald voetbal moet saneren op straffe van ondergang.” Buiten het stadion raken supporters van Ajax en Feyenoord slaags met elkaar en de politie. Straatstenen vliegen door de lucht. Roethof kijkt het tafereel aan. “Ik ben jaren niet naar voetbal geweest en ik heb weer voor jaren genoeg gezien.”

Algemeen Dagblad, 1-4-1986.

 

 

Het project Helden rond de Velden van het supportersproject van Cambuur heeft de Hein Roethofprijs 2002 gewonnen. De jury toonde zich onder de indruk van dit project, waarmee Leeuwarden op voorbeeldige wijze een uiterst actueel probleem als voetbalvandalisme weet te beteugelen.

Bij de aanpak van voetbalvandalisme beperkt Cambuur zich niet tot repressieve maatregelen als cameratoezicht en de inzet van politie en stewards. Sinds maart 2000 voert ze een sociaal preventief supportersproject uit, dat mede geënt is op landelijke richtlijnen en onderzoek naar voetbalvandalisme.

Uit het juryrapport:

Supportersgeweld en voetbalcriminaliteit zijn een reëel maatschappelijk probleem. Om het betaald voetbal in en rond het stadion van de BVO Cambuur leuk te maken en te houden zijn tal van maatregelen noodzakelijk. Een repressieve aanpak, maar ook een preventieve. Het sociaal preventief supportersproject Helden rond de velden is ontstaan vanuit een samenwerkingsverband van betaald voetbalclub Cambuur, de politie en de gemeente Leeuwarden en is in maart 2000 van start gegaan.  Het Buro, gespecialiseerd in intensieve trajectbegeleiding van probleemjongeren is aangetrokken voor de organisatie en uitvoering van het project.  Doelstellingen van het project zijn:

• Terugdringen van voetbalcriminaliteit (vandalisme, bedreigingen, spreekkoren, etc.);

• Realiseren van een prettige en veilige sfeer in en rond het stadion;

• Voorkomen van recidive bij jongeren die een stadionverbod hebben gehad.

 

   

   

 

Spil in het project is de fancoach, een vrouw die zelf op hoog niveau heeft gevoetbald. Zij fungeert als intermediair tussen (potentiële) relschoppers, politie, gemeente en Het Buro.

Ze is bij alle uit- en thuiswedstrijden van Cambuur aanwezig en begeeft zich bewust tussen de risicosupporters. Ook leidt zij speciale activiteiten met en voor de doelgroep (zoals bijv. een sporttoernooi) en preventieprojecten met leerlingen van groep 8 van de basisscholen.  De leerlingen gaan na afloop van het bekijken van een video over grensoverschrijdend gedrag in een speciale Vandalismebus naar het Cambuurstadion voor een gesprek met enkele spelers over waarden en normen, grensoverschrijdend gedrag en voetbalvandalisme.  Ook is de klas nog een keer te gast op de kidstribune voor een wedstrijd van het eerste elftal.

De fancoach legt contact met de supporters, spreekt hen aan op hun gedrag, houdt in de gaten of nieuwe supportersgroepen ontstaan en zich evt. aansluiten bij de risicosupporters.  Ze heeft nauw contact met het bureau HALT, de stewards, de politie en Het Buro.  Daarmee sluit dit project ook aan bij de Leeuwarder Sluitende aanpak voor jongeren van 12 tot 23 jaar.  Het project kent ook een "buddy-mentor-aanpak".

Deze aanpak behelst het onder individuele begeleiding weer laten terugkeren van supporters met een binnen afzienbare tijd aflopend stadionverbod. Deze krijgen een uitnodiging van Het Buro namens Cambuur, om te komen praten over mogelijke vervroegde terugkeer in het stadion, onder strikte voorwaarden en desgewenst met extra begeleiding in een traject richting werk, scholing of hulpverlening. Tussen maart 2000 en april 2002 zijn in totaal 14 jongeren begeleid: bij geen van hen heeft recidive plaatsgevonden.

De jongere supporters hebben een eigen, nieuwe, aanvullende supportersclub opgericht. Hierin zitten diverse supporters die zelf een stadionverbod hebben gehad.  De club is aanspreekpunt voor Cambuur en de projectpartners als het gaat om activiteiten, maar ook om gedrag voor, tijdens en na de wedstrijden.

 

Oordeel van de jury

Voetbalvandalisme en voetbalcriminaliteit halen regelmatig de media en zijn zo

langzamerhand een serieus maatschappelijk probleem.  Bij het project Helden rond de Velden beperken de samenwerkende organisaties zich niet alleen tot een repressieve aanpak op en rond de velden van Cambuur, zoals cameratoezicht en inzet van politie en stewards.  Sinds twee jaar voeren ze een sociaalpreventief supportersproject uit, dat mede geënt is op landelijke richtlijnen en onderzoek naar voetbalvandalisme.  Het resultaat mag er wezen, zo meen de jury: het vandalisme is afgenomen, de KNVB heeft sinds de nacompetitie van het seizoen 1999-2000 geen boete meer opgelegd en het aantal stadionverboden daalt gestaag.  De jury looft de eendrachtige en succesvolle samenwerking tussen de betrokken organisaties om via een combinatie van preventie en repressie het complexe probleem van supportersgeweld- en vandalisme te beteugelen.  Een voorbeeld om na te volgen!

 

 

  Dutch fan project wins prestigious price.   Tuesday, October 29, 2002

 

 

Cor Greben of the fan project thanks the Cambuur supporters.

 

The Dutch fan project of Cambuur Leeuwarden has won the prestigious Hein Roethof price. This price is awarded each year for the most innovative crime-prevention project. The fan project of Cambuur, playing in the Dutch first division, received the price because they succeeded in bringing back a real football atmosphere into the Cambuur stadium. The number of stadium bans, only two years ago with 57 one of the highest in the first division, is now back to 7 and for this year no stadium ban has been given to a Cambuur supporter. One of the success factors is the ‘buddy-project’ : supporters with a stadium ban are allowed to attend the matches in the company of a ‘buddy’ from the fan project. The fact that this ‘buddy’ is a nice and cheerful girl who also plays football herselves, may be a contribution to the success.

The project is now also nominated for a European price. The money that comes with the Hein Roethof price will be used for activities for young supporters.

 

 

 

Hoe ziet een supportersproject er nu uit? Wat doet zo’n supporterscoördinator eigenlijk?

 

OK, nog even in het kort de antwoorden op deze vragen.

Een supportersproject is een samenwerking tussen direct betrokken partijen: de club, de politie, de gemeente, het jongerenwerk en vaak ook de supportersvereniging. Het begint met inventariseren wat er door de verschillende partijen al gedaan wordt om voetbalvandalisme en –geweld te voorkomen. De inspanningen van de verschillende partijen worden vervolgens op elkaar afgestemd.

 

Dat is echter pas het begin. Essentieel is de communicatie met de supporters zelf, de bijsturing van probleemsupporters en het voorkomen dat jeugdige supporters zich laten verleiden ook mee te gaan doen met de hooligans. Deze klus vereist een of meer professionele werkers die deze taken uitvoeren. Werkers die als jongerenwerker, als sportleraar of anderszins ervaring hebben met het omgaan met lastige jongeren. De werker die zich op de jeugdige supporters stort wordt supporterscoördinator (SC) genoemd. De SC is in dienst bij de club of (meestal) bij het lokale jongerenwerk.

 

Hooligans. 

Supporterscoördinatoren zoeken contact met de supporters van de harde kern, meestal in aanvang met degenen die een stadionverbod hebben gekregen. Aan hen wordt, als ze het niet te bont gemaakt hebben, een alternatief voorgesteld, dat neerkomt op het laten zien dat ze zich gedurende langere tijd weten te gedragen. In ruil daarvoor wordt een deel van het stadionverbod omgezet in voorwaardelijk. Doel is de probleemsupporters aanspreekbaar te maken voor de SC, zodat enerzijds interventie mogelijk wordt door de SC bij dreigende ongeregeldheden en anderzijds de SC goed op de hoogte raakt van wat er speelt in de groep en welke plannen er gemaakt worden. Door de samenwerking in het project met club en politie kan deze informatie gebruikt worden bij het bepalen van de inzet bij wedstrijden en het anticiperen op bewegingen in de groep supporters. Supporters worden door de SC geïnformeerd over maatregelen rond een wedstrijd, de wijze van vervoer naar uitwedstrijden en de wijze waarop politie en club op gaan treden tegen supporters die zich misdragen.

Zo wordt duidelijkheid verschaft, hetgeen onrust en onvrede wegneemt. Degenen die van plan waren zich te misdragen worden ontmoedigd doordat zij zich realiseren (en anders maakt de SC dat nog even duidelijk) welke maatregelen er genomen worden tegen supporters die in de fout gaan. In een goed opgezet project treedt de SC ook op als intermediair tussen supportersgroepen en club. Hierdoor is het mogelijk om supportersgroepen die zich positief manifesteren meer ruimte te geven in het supportersbeleid van de club. Essentieel is dat de communicatie, via de SC, tussen supporters enerzijds en club en politie anderzijds leidt tot duidelijkheid, daardoor tot verminderde onvrede onder supporters en tot verhoogde clubbinding.

Het is allemaal geen garantie dat er nooit meer iets mis zal gaan. Betaald voetbal is niet geïsoleerd van de samenleving; staat daar midden in en vormt daarvan voor grote groepen mensen een belangrijk onderdeel. Problemen in de samenleving zullen dan ook altijd ook bij voetbal terug te zien zijn. Maar omdat het gaat om - weliswaar vele duizenden – voetballiefhebbers die zich verbonden voelen met hun club en een heel seizoen lang op de tribune te vinden zijn, zijn supporters minder anoniem en makkelijker aanspreekbaar op hun  liefde voor de club. Dat maakt het mogelijk om problemen te voorkomen.

 

Nieuwe generatie.

 

Met name de projecten die na 1998 zijn opgezet, richten zich op de jeugdige supporters. In het kader van vroege preventie wordt extra aandacht besteed aan het bereiken van de jeugd in de leeftijd van 10 tot 13 jaar via speciale basisschool projecten. Een goed voorbeeld van zo’n schoolproject is te vinden bij Go Ahead Eagles. Bovenbouw klassen van de Deventer basisscholen komen naar het stadion, waar ze samen met een speler van Go Ahead en een politieagent praten over spelregels bij voetbal en in de maatschappij. In een spel moeten ze door het hele stadion antwoorden zoeken op vragen. Later wordt op school nagepraat over wat ze beleefd hebben. Klassen die deelgenomen hebben mogen gratis een wedstrijd van Go Ahead bezoeken in een speciaal voor hen bestemd vak. Op een atractieve en speelse manier worden zo gedragsregels aan de kinderen overgedragen en wordt duidelijk gemaakt dat niet alleen een voetbalwedstrijd onmogelijk wordt als spelers zich niet aan regels houden, maar dat ook in het dagelijks leven en op de tribune van een stadion regels nodig zijn om het voor iedereen leuk te houden. Binnen de clubs zijn er voor dezelfde leeftijdsgroep de junior- of kids-clubs, waar in een vroeg stadium contact gelegd kan worden met de nieuwe jeugdige supporters. Een aantal projecten, bijvoorbeeld het PSV project, heeft aansluitend op de juniorclub speciale activiteiten voor supporters in de leeftijd van 13 tot 18 jaar: de leeftijd waarin de keus gemaakt wordt van wel of niet aansluiten bij de probleemsupporters. Aansprekende – door de groep zelf georganiseerde - activiteiten moeten hen aanspreekbaar houden voor de supporterscoördinator en hen een positieve beleving geven van het “supporters zijn”.

 

 

 


     Voetbal tegen racisme.

        (meer informatie op onze Europese web-site: http://www.footballsupporters.info/footunites/fare-main.htm )

 

                                            

Harsher penalty for PSV
Friday 25 October 2002

 

 

 

 

UEFA's Appeals Body has increased the fine imposed on Dutch club PSV Eindhoven for the conduct of their fans at a recent UEFA Champions League match from €20,500 to €34,000.

UEFA appeal partially upheld
At a hearing in Nyon, Switzerland on Friday, the Appeals Body partially upheld an appeal by UEFA against the initial decision taken by the UEFA Control and Disciplinary Body earlier this month to fine PSV €20,500 for the improper conduct of PSV fans, including racist abuse and the throwing of missiles at the Arsenal FC striker Thierry Henry, at the Champions League match between the two clubs in Eindhoven on 25 September.

Strict warning
In addition, the body issued a "strict warning" to PSV that they would be severely punished if there were a repeat of any racist incidents. UEFA lodged its appeal against the initial decision in accordance with provisions laid down in its disciplinary regulations, expressing the view that the decision taken was too lenient, and that the case required further investigation.

Video evidence
A statement said: "The Appeals Body received video evidence of the racist behaviour of a limited number of spectators and took into account the fact that PSV Eindhoven had already been fined once for the racist behaviour of their supporters, in making their decision."

Spectators banned
"The fact that PSV Eindhoven have already identified, banned and reported to the police the spectators responsible for the offence was positively noted and taken into account by the body in reaching its decision to only partially uphold the appeal lodged by UEFA," the statement added.

 

 

PSV in beroep tegen uitspraak UEFA

 

PSV gaat de straf die het opgelegd kreeg van de UEFA naar aanleiding van gebeurtenissen bij PSV-Arsenal voorleggen aan het Court of Arbitration for Sport (CAS) in Lausanne.

Voorzitter Harry van Raaij was bij de persconferentie van dinsdagmiddag aanwezig om de zaak toe te lichten. Van Raaij: "Voor alle duidelijkheid, wij ontkennen de feiten niet, maar vragen ons ter degen af welke tekortkomingen er zijn geweest vanuit PSV." In het eindoordeel van de UEFA staat een passage waarin de club bij een volgende gebeurtenis een 'severe punishment', oftewel een zeer zware straf, boven het hoofd zal hangen. "We kunnen niets afdoen aan de feiten waarvoor wij veroordeeld worden, de discussie die wij willen is in hoeverre wij dit hadden kunnen voorkomen. In het eindoordeel wordt PSV met geen woord iets verweten. Wij willen van CAS een principiële uitspraak. Of de richtinglijnen, zoals deze door de KNVB bepaald zijn zij niet goed, of wij hebben ergens te kort geschoten. Derhalve willen wij dit geval voorleggen bij CAS", aldus Van Raaij. Volgens de voorzitter is PSV niet het slachtoffer van het feit dat racisme bij de UEFA op dit moment een 'hot item' betreft. "Daar kan ik geen oordeel over uitspreken. Ik heb daar wel zo mijn gedachten over, maar dat zijn privé gedachten. Nogmaals wij weten iet wat wij met alle middelen die we hebben meer hadden kunnen doen. We moeten PSV beschermen naar de toekomst toe. Het gaat om het belang van PSV", aldus de voorzitter van PSV.

 

Brief aan de Staatssecretaris.

 

    EURO SUPPORT                         Deventer, 3 september 2002.

 

 

Aan de Staatssecretaris van VWS, mevr. Ross-van Dorp                              

 

 

 

Geachte mevrouw Ross

 

Euro Support is een onafhankelijk bureau, voortgekomen uit het Landelijk Overleg Supporterscoördinatoren (LOS), het sinds 1988 functionerende werkers-overleg van de werkers van projecten preventie voetbalvandalisme. Euro Support ondersteunt de preventieprojecten, ontwikkelt beleid, verzorgt de internationale samenwerking, initieert nieuwe projecten en voert deze waar nodig ook uit. Van 1998 tot juni 2002 heeft Euro Support in opdracht van Uw Ministerie projecten opgezet bij de clubs in het betaald voetbal.

Het omvangrijke Euro 2000 project: de begeleiding van de bezoekende supporters uit de deelnemende landen, het opzetten en doen functioneren van fan-ambassades in de speelsteden en het coördineren van de begeleidingsactiviteiten middels een centraal steunpunt is door Euro Support geïnitieerd en ook door ons in opdracht van Uw Ministerie en het Belgische Ministerie van BIZA, uitgevoerd. Het succes van het Euro 2000 project, waarbij werd samengewerkt met collega organisaties uit Duitsland, Engeland, Italië en België, was voor Uw voorganger, mevr. Vliegenthart aanleiding om Euro Support te verzoeken de Europese samenwerking op het gebied van preventie voetbalvandalisme verder uit te bouwen en de 'good practices' uit Nederland over te dragen aan andere landen.

 

Waarvoor ik op dit moment Uw speciale aandacht wil vragen is een initiatief om, in navolging van andere Europese landen, activiteiten te starten in het kader van Voetbal tegen Racisme.

Hoewel er wel regelmatig verontwaardigd gereageerd wordt op supporters-spreekkoren met racistische tendensen, is het opvallend dat geen enkele Nederlandse club in het betaald voetbal zich heeft aangesloten bij de Europese activiteiten van Football Against Racism Europe (FARE). Uit discussies in het LOS (landelijk overleg supporterscoördinatoren) over dit onderwerp kwam naar voren dat in Nederland nauwelijks sprake is van beïnvloeding van voetbalsupporters door nationalistische of racistische politieke groeperingen; dit in tegenstelling tot landen als Italië, Duitsland en Engeland. Dit neemt niet weg dat ook in Nederland het Wij/Zij denken, dat bij voetbalsupporters sterk aanwezig is, zich soms richt tegen andere culturen of rassen. Er is dus wel reden om duidelijk stelling te nemen tegen racisme en activiteiten te ontwikkelen die gericht zijn op het voorkomen dat er bij voetbal een sfeer ontstaat die leidt tot uitsluiting van bevolkingsgroepen.

De werkers van de supportersprojecten verwachten van een Nederlandse aanpak dat:

-             Activiteiten plaats vinden in het kader van preventie voetbalvandalisme, waar mogelijk ingepast worden binnen bestaande sociaal preventieve projecten.

-             Activiteiten vooral gericht zijn op de jeugd van 10 t/m 16 jaar.

-             De clubs drager van de activiteiten zijn.

-             Activiteiten in eerste instantie gericht zijn op het betrekken van de jeugd bij de club, liefst in samenwerking met scholen, zodat een breed spectrum van de jeugd wordt bereikt.

-             Het doel bereikt wordt door actieve participatie van de jeugd en niet (uitsluitend) door het in vele vormen verkondigen dat racisme niet OK is.

De Community  programma’s zoals die bij een groot aantal Engelse clubs ontwikkeld zijn, kunnen als voorbeeld dienen voor een Nederlandse aanpak, omdat hierin als uitgangspunt gehanteerd wordt dat de club een actieve bijdrage kan leveren aan het versterken van de sociale cohesie in wijk of stad en kan meewerken aan activiteiten waarbij jongeren van verschillende culturen en uit verschillende landen elkaar ontmoeten. (zie voor voorbeelden: www.footballsupporters.info/footunites/fare-main.htm :  Leeds United, Fulham of Charlton Athletic.)

 

In het kader van de Europese samenwerking op het gebied van preventie voetbalvandalisme is Euro Support ook betrokken bij diverse internationale activiteiten van voetbal tegen racisme. Helaas blijft het tot nu toe bij het steunen van de vele initiatieven uit andere landen en de overdracht van informatie aan Nederlandse sociaal preventieve projecten, omdat een Nederlands initiatief ontbreekt.

 

Wat wij willen is, indien mogelijk met Uw steun, invulling geven aan een Nederlandse versie van Football Against Racism en in Nederland clubs, supporters, gemeenten en instellingen enthousiast maken voor dit initiatief.

 

 

Ik hoop dat U bereid bent om hierover met ons van gedachten te wisselen.

 

met vriendelijke groet,

Illya Jongeneel

 

directeur Euro Support

 


Landelijk Steunpunt dringend gewenst:   brief van het LOS aan VWS.

 

LOS.  Landelijk Overleg Supporterscoördinatoren.

 

 

Ministerie van VWS

t.a.v. mevrouw Vliegenthart

Parnassusplein 5

2511 VX Den Haag

 

 

Betreft: sociaal preventieve supportersprojecten.                                               Arnhem, 14-03-2002

 

 

Geachte mevrouw Vliegenthart,

 

Hierbij wil ik u namens het Landelijk Overleg Supporterscoördinatoren onze grote bezorgdheid kenbaar maken omtrent het niet langer subsidiëren van de ondersteuning van de sociaal preventieve projecten.

 

Met blijdschap namen we destijds kennis van het ontstaan van Buro SPP ondergebracht bij de KNVB, met als doel het opzetten van sociaal preventieve projecten bij elke BVO in Nederland. Voor onze beroepsgroep was dit een stuk erkenning en waardering van onze werkzaamheden doordat dit vanuit de overheid werd ondersteunt.

 

Echter is wel duidelijk gebleken dat men er met het opzetten van een sociaal preventief project niet is. Het project moet hierin ondersteunt worden om daadwerkelijk inhoud te krijgen. Dit is daarom voor een deel door buro SPP opgepakt, maar door onvoldoende financiële middelen zijn deze werkzaamheden inmiddels gestopt.

Dit terwijl de projectmedewerkers deze ondersteuning zeer noodzakelijk en zinvol achtten. 

 

Een logisch vervolg op het opzetten van sociaal preventieve projecten lijkt dan ook het ondersteunen van deze projecten. En volgens onze informatie wil het ministerie van VWS hier geen subsidie meer voor uittrekken.

Dit tot grote verbazing en ongenoegen van de leden van het Landelijk Overleg Supporterscoördinatoren. Zij zijn van mening dat een sociaal preventief project zonder enige vorm van begeleiding gedoemd is te mislukken. Indien een project dit naar eigen inzicht vorm moet gaan geven blijft het rendement zolang uit dat het geloof in de meerwaarde van een project verdwijnt en daarmee de lokale financiering.

 

Ook de projecten die reeds langere tijd bestaan en waarvan de meerwaarde al wel is bewezen geven aan behoefte te hebben aan een landelijk overkoepelend orgaan, die hun belangen kan behartigen en uitdragen.

Middels deze brief willen we u met klem vragen het idee van een landelijk steunpunt voor sociaal preventieve supportersprojecten nogmaals in heroverweging te nemen. Een belangrijk argument hierbij is ook dat we van mening zijn dat al uw investeringen in de sociaal preventieve projecten de afgelopen jaren zinloos zijn geweest indien de begeleiding hiervan niet adequaat wordt ingevuld. De meeste nieuwe projecten zullen dan hoogstwaarschijnlijk uiteindelijk weer ter ziele gaan. De stap die nu genomen is om tot verdere professionalisering te komen wordt dan weer teniet gedaan. Bovendien raken deze collega’s gefrustreerd doordat al hun inzet dan tot niets heeft geleid.

Dit willen wij, en hopelijk u ook, alsnog voorkomen door een dringend beroep op u te doen ons financieel in staat te stellen een (permanent) landelijk steunpunt op te richten zodat uw investeringen uit het verleden uiteindelijk renderen in de toekomst en wij als beroepsgroep tot verdere professionalisering van ons werkveld komen. 

De meest ideale situatie ons inziens is dat dit steunpunt onafhankelijk van de KNVB functioneert, waardoor er geen sprake kan zijn van belangenverstrengeling, en de KNVB zich met haar eigenlijke werkzaamheden kan bezighouden.

 

Graag nodigen we u uit voor een (in)formele bijeenkomst om onze visie en eventuele subsidieaanvraag toe te lichten om u verder te overtuigen van de noodzaak hiervan.

Desgevraagd kunnen we u op korte termijn een formele subsidieaanvraag aanbieden ondersteunt door een inhoudelijk plan.

 Uiteraard zijn we ook bereid dit bij u te komen toelichten.

 

 

Met vriendelijke groet,

 

De leden van het Landelijk Overleg Supporterscoördinatoren (LOS)

Namens deze,

 

 

M. van der Sluis  

 

Voorstel voor een landelijk steunpunt.

 

 

Voorwoord bij het voorstel voor een landelijk steunpunt sociale preventie.

 

 

De basis van sociale preventie blijft samenwerking tussen de betrokken partijen.

Zekere partners zijn: club, politie en jongerenwerk.

Samenwerking omdat:

De samenwerking wordt geëffectueerd door een begeleidingscommissie/stuurgroep waarin in ieder geval genoemde partijen zitting hebben, en door een convenant/inspanningsverplichting ondertekend door de betrokken partijen, waarin is vastgelegd  welk gezamenlijk doel wordt nagestreefd en welke route gevolgd wort om dit doel te bereiken. Tevens de van de gezamenlijke doelstelling afgeleide eigen subdoelen van de verschillende partners en de inspanning  (wat, hoe, wie, wanneer) die elk der partners in het kader van de doelstelling zal plegen.

De ervaring van de bestaande projecten leert echter dat samenwerking niet moet leiden tot:

-          wachten op elkaar

-          het stellen van de doelen van één der partners boven die van de ander(en).

-          dubbelfuncties (werken voor meerdere partners; het dienen van verschillende doelen)

-          treden in bevoegdheden en deskundigheid van de ander.

-          altijd streven naar een eensluidend standpunt.

De samenwerking moet vooral bestaan uit het scheppen van ruimte voor de ander en het profiteren van elkaars sterke kanten, organisatie, netwerken, deskundigheid en eigenheid.

 

Het is daarom goed dat de verschillende partners zich primair concentreren op hun eigen inbreng en al werkende met elkaar zoeken naar afstemming en fine-tuning.

 

Vertaald naar de lokale projecten:

De clubs stappen uit hun sociaal isolement en stellen zich meer open voor klant en omgeving;

zij doen dit door:

-          participatie van supporters en samenleving toe te staan in de club

-          door zelf actief te worden in de samenleving door organisatie van -of participatie in- projecten en activiteiten die de betrokkenheid van supporters en omgeving bij de club bevorderen.

De omgeving van de club maakt enerzijds gebruik van de aantrekkingskracht van de club voor het in gang zetten of kwalitatief verbeteren van sociale activiteiten en ondersteund anderzijds de club bij

-          het versterken van de betrokkenheid bij de club van supporters en omgeving

-          bij het laten verlopen van wedstrijden in een vriendelijke sfeer en omgeving.

Eerst aangewezen partners in de omgeving van de club zijn politie en jongerenwerk. De politie als partner spreekt bijna voor zich. Het jongerenwerk/welzijnswerk heeft  een belangrijke rol omdat:

-          veel activiteiten gericht zijn op de jeugd (preventie en clubbinding),

-          omdat zij deskundig zijn in het omgaan met en bijsturen van lastige jongeren,

-          omdat zij in buurten, wijken en op scholen werken met een groot deel van potentiële en bestaande supporters

-          omdat zij beschikken over een breed maatschappelijk netwerk

-          omdat zij de deskundigheid in huis hebben om activiteiten op te zetten, vrijwilligers te werven en te begeleiden en de doelgroep te laten participeren.

 

De afgelopen 3 jaar zijn bij vrijwel alle clubs projecten opgezet. Al werkend en lerend van de ervaring zijn bovenstaande conclusies getrokken. Het is van belang dat de kennis en ervaring op lokaal niveau wordt overgebracht, zodat niet teveel projecten een valse start maken. Daarnaast moeten clubs en jongerenwerk ondersteund worden bij het invullen van hun rol en werkwijze in het kader van sociaal preventieve activiteiten. Overdracht van kennis, ervaring en good-practice is niet alleen gewenst, maar is eigenlijk vereist wil je de investering in geld en tijd van de bureau SPP de afgelopen 3 jaar om kunnen zetten in projecten en activiteiten die aan de gestelde doelen voldoen.

 

De KNVB gaat de clubs ondersteunen. De ondersteuning aan de andere lokale partners, met name welzijnswerk/jongerenwerk, is nog niet ingevuld. Zoals voor de ondersteuning van clubs de specifieke kennis, zoals die binnen de KNVB aanwezig is, is vereist, zo is er ook voor de ondersteuning van de het welzijns-/jongerenwerk specifieke deskundigheid nodig. 

 

Daarom stel ik voor dat wordt voorzien in een landelijk steunpunt ten behoeve van de lokale partners die uitvoeren of gaan ontwikkelen, gericht op jeugd en op preventie, gerelateerd aan voetbal of aan de club. Voor de financiering van een dergelijk landelijk steunpunt lijkt VWS de eerst aangewezen subsidiënt, hoewel overleg met BZK over co-financiering zeker niet uitgesloten moet worden.

 

 

Illya Jongeneel

 

Deventer, januari 2002

 

 

 

 

 

LANDELIJK STEUNPUNT SOCIAAL PREVENTIEVE PROJECTEN.                                                                

 Deventer, januari 2002

 

 

Na de dood van een Ajax supporter in Beverwijk kregen Euro Support en DSP in 1998 van het Ministerie van VWS de opdracht om in samenwerking met de KNVB binnen 3 jaar bij alle clubs in het betaald voetbal projecten op te zetten naar het recept van de sinds 1988 bij een aantal clubs bestaande sociaal preventieve projecten. De wens van de Tweede Kamer is duidelijk: voetbalvandalisme en –geweld moeten voorkomen worden en daarbij spelen sociaal preventieve projecten een belangrijke rol. Dat wil echter niet zeggen dat voor de lokale partijen die samenwerken in zo’n sociaal preventief project ook meteen duidelijk is wat het project in moet houden, hoe het vorm dient te krijgen en op welke wijze de betrokken partijen het beste kunnen samenwerken. Van alle partijen wordt verwacht dat zij een omslag maken in denken en handelen. Door Euro Support, DSP en KNVB die tezamen voor deze opdracht het bureau Sociaal Preventief Publieksbeleid vormen, is veel aandacht besteed aan een gedegen planvorming voordat projecten van start gingen. De pas gestarte projecten zijn getoetst op levensvatbaarheid, maar een meerderheid verkeert nog in het couveusestadium en er blijken na de start van een project nog vele valkuilen te zijn die het goed functioneren van het project bedreigen. Intensive care is zeker in het startjaar hard nodig.

 

Ook projecten die nog dateren van de eerste golf (opgezet tussen 1987 en 1990) hebben vaak moeite met aanpassing aan veranderende omstandigheden, nieuwe inzichten en behoeften. Projecten raakten in een aantal gevallen uit balans omdat in het enthousiasme waarmee clubs aan de slag gingen met het door bureau SPP gepropageerde preventieve publieksbeleid  (gericht op de jeugd met o.a. kids-clubs, jeugdactiviteiten, scholenprogramma’s) de commerciële mogelijkheden voorop kwamen te staan en de aansluiting bij de preventieaanpak vanuit het jongerenwerk vergeten werd. Eén en ander leidde tot een toenemende vraag naar ondersteuning, met name gericht op het tot stand brengen of behouden van de voor sociaal preventieve projecten essentiële samenhang in activiteiten, op het vorm geven van de afstemming tussen de betrokken partijen en op methodische ondersteuning en overdracht van kennis en ervaring ten behoeve van de aan de projecten verbonden werkers.

 

Vanuit het Landelijk Overleg Supporterscoördinatoren (LOS) is aangegeven dat er naast de ondersteuning ten behoeve van pas gestarte projecten of oude projecten in een ombouwfase, ook behoefte is aan permanente bovenlokale steun, gegeven door ervaren en deskundige functionarissen, als het gaat om deskundigheidsbevordering, nieuwe methodieken, organiseren van ervaringsuitwisseling,  bijhouden van landelijke en internationale netwerken, begeleiding van projectwerkers die op een eenmanspost zitten, advisering ten aanzien van jongerenactiviteiten (nieuwe ontwikkelingen en trends), het opzetten en onderhouden van informatie- en databestanden, etc.

 

In juni 2002 is de opdracht tot het opzetten van projecten beëindigd. Het lijkt ons niet wenselijk als dan de opgezette projecten in hun functioneren belemmerd worden doordat aan de vraag naar ondersteuning niet kan worden voldaan.

 

Om deze reden stellen we dan ook voor dat de werkzaamheden van Euro Support na juni 2002 worden voortgezet middels een te vormen Landelijk Steunpunt sociaal preventieve projecten, dat zich richt op ondersteuning van de bestaande en nieuwe sociaal preventieve projecten, specifiek de werkers van deze projecten en de welzijnsinstellingen waarbij deze in dienst zijn.

 

Ons inziens zou het voorgestelde Landelijk Steunpunt van start moeten gaan op 1 juni 2002 met een proefperiode van 1 jaar, waarbij we uitgaan van de wenselijkheid van een permanente landelijke ondersteuning van de sociaal preventieve projecten: door de KNVB, gericht op steun aan de clubs bij het opzetten van een sociaal preventief supportersbeleid en door het Landelijk Steunpunt, dat ondersteuning verleent aan de fan-werkers van de projecten en hun werkgevers.

 

Aan de hand van rapportage en evaluatie in de periode juni 2002 tot juni 2003 kan vervolgens bekeken worden of voortzetting van een landelijk steunpunt sociaal preventieve projecten na juni 2003 wenselijk of noodzakelijk is.

 

 

 

blad 2. voorstel landelijk steunpunt.

 

 

TAKEN LANDELIJK STEUNPUNT.

 

 

De inzet van de functionarissen binnen het landelijk steunpunt kan als volgt omschreven worden:

 

1.         Ondersteuning projecten.

 

-                      Ondersteuning en advisering van lokale betrokkenen/welzijnsinstellingen en gemeenten bij het opzetten van nieuwe projecten.

-                      Organisatieadvies aan genoemde betrokkenen en advisering t.a.v. subsidiemogelijkheden en fondsen nieuw gestarte projecten.

-                      Methodiekontwikkeling ten behoeve van fan-werkers.

-                      Werkbegeleiding aan de werkers van de projecten.

-                      Verzorgen van stageplaatsen en stagebegeleiding.

-                      Ondersteuning bij de ontwikkeling van een lokaal netwerk rond projecten.

-                      Verbindingen tot stand brengen en onderhouden met bovenlokale netwerken.

-                       

2.         Ondersteuning jongerenwerkers projecten.

 

-                      Deskundigheidsbevordering door: studiedagen, seminars, werkconferenties, trainingen.

-                      Organisatie en secretariaat van landelijk en regio-overleg fan-werkers.

-                      Uitbrengen vakgroepbulletin

-                      Loopbaanbegeleiding,  outplacement seniorwerkers.

-                      Collectieve belangenbehartiging fan-werkers.

-                      Bemiddeling bij arbeidsconflicten.

 

 

3.         Opzetten en onderhouden kennis- en informatiecentrum.

 

-                      Opzetten infotheek

-                      Uitgave infobulletin.

-                      Opzetten website

-                      Overzicht van subsidiemogelijkheden en fondsen.

-                      Verzorgen van een jaarlijkse resultaatmeting van alle projecten.  (DSP)

-                      Trendsignalering. Signaleren van tendensen en ontwikkelingen rondom supporters.

-                      Verzorgen van informatie aan de media.

-                      Adviseren van betrokken partijen t.b.v. bovenlokaal en landelijk beleid.

-                      Verzorgen diverse presentaties.

 

 

4.         Samenwerking en afstemming.

 

-                      Onderhouden van contacten en samenwerking op geëigende terreinen met de KNVB.

-                      Opzetten gezamenlijk beleid met KNVB.

-                      Onderhouden van contacten met en rapportage aan C.I.V. en aan de betrokken Ministeries.

-                      Onderhouden en uitbreiden van netwerken.

-                      Werken aan de totstandkoming van een basisconvenant voor lokale projecten.

-                     Initiëren van – en ondersteunen bij - samenwerking met andere Europese projecten en partners.